Kwetsbaar en veerkrachtig

Men zou op een marsmannetje lijken als men in de voorbije maanden niet volop meegeleefd had met wat onze samenleving en ons persoonlijk leven de voorbije maanden sterk bepaald heeft: de coronacrisis.
In de laatste halve eeuw hebben veel mensen en samenlevingen beetje bij beetje het gevoel ontwikkeld dat zij haast onkwetsbaar zijn. Het kwam aan het randje van de zelfoverschatting, ja zelfs de hoogmoed. Er was nochtans maar een microscopisch klein organisme, een virus, nodig om ons die ongemakkelijke waarheid te doen ervaren: dat wij zeer kwetsbare wezens zijn. En van zelfoverschatting vielen we vlugger dan verwacht in de tegenpool: de hulpeloosheid.

VEERKRACHT

Gelukkig beschikken wij over een merkwaardig vermogen dat ‘veerkracht’ heet. Die term verwijst naar een veer, een stuk metaal dat een onderdeel vormt van een wagen of een kar. Het is een beweeglijk voorwerp dat meebuigt met de schokken van het voertuig en ze ook opvangt, maar dat uiteindelijk toch terugkeert naar zijn oorspronkelijke toestand. Of denk aan een spiraalvormige veer die je kunt uitrekken, maar als je ze loslaat gaat ze spontaan terug in haar oorspronkelijke positie.
Met mensen kan dit ook gebeuren. Het moeten daarvoor geen supermensen zijn. Wel gewone mensen, die pijn ervaren net als iedereen. Maar ze worden niet lamgeslagen door hun tegenslag en verdriet. Ze raken niet verbitterd of afgestompt. Integendeel. Ze keren terug naar hun oorspronkelijke ik, of nog beter: ze doen meer dan zich herstellen: ze komen er als sterkere en betere mensen uit. Ze groeien door. Het is de weg van kwetsbaarheid, doorheen veerkracht naar herstel en groei. Je kunt het toepassen op ons individueel leven, op groepen, organisaties en samenlevingen. Je kunt het toepassen op onze coronacrisis. Of op de ontwikkelingen die de christelijke kerk de laatste decennia meemaakt.

[…]

Lees meer in KERK & leven van 5 augustus 2020