De heilige Hubertus

Tussen Allerheiligen en Nieuwjaar worden er bij het brede publiek nogal wat heiligen vereerd die sterk tot de verbeelding spreken of die op zijn minst meer aandacht krijgen dan hun collega’s andere heiligen.
In een paar rubrieken willen we deze heiligen eens nader bekijken, hun doen en laten bespreken en nagaan aan wat ze hun sterke devotie door het volk te danken hebben. Ook eventuele volksgebruiken houden we tegen het licht. De heilige die de spits mag afbijten is Sint Hubertus.

Deze heilige wordt gevierd op 3 november. Bij het brede publiek is zijn feest vooral gekend door het sint-hubertusbrood dat die dag wordt gezegend. Dit gebruik komt later in dit artikel nog aan bod.

LEGENDE VAN SINT HUBERTUS
Hubertus van Luik (655-727) was volgens de traditie de laatste bisschop van Maastricht en de eerste van Luik. Over zijn leven bestaan zeven min of meer eigentijdse biografische beschrijvingen. Hieruit heeft zich in de loop der eeuwen de legende van Sint Hubertus gevormd.
De naam Hubertus komt uit het Germaans en betekent “stralende geest”.

Hubertus (of Huibrecht) was een zoon van Bertrand, de hertog van Aquitanië, een administratieve regio in het zuidwesten van Frankrijk, met als hoofdstad Bordeaux. Daar leidde hij een werelds leven. Hij trok naar Parijs, maar vanwege hofmeier Ebroin, een gewelddadig en despotisch heerser, verhuisde hij net als veel andere edelen naar het Austrasisch hof in Metz. (Austrasië – ‘oostelijk land’ – was het noordoostelijk deel van het Merovingische koninkrijk, en besloeg het oosten van het huidige Frankrijk, het westen van Duitsland, België ten oosten van de Schelde en delen van Nederland. De hoofdstad van het rijk was Metz.)
Aan het Austrasische hof werd hij hartelijk ontvangen door hofmeier Pepijn Van Herstal en kreeg er een hoge functie. Na de dood van zijn vrouw Floribanne, bij de geboorte van hun zoon Floribertus, trok hij zich terug in de Ardennen, waar hij een verwoed jager werd.

Ook op Goede Vrijdag van het jaar 683 ging hij op jacht, hoewel dat een zeer oneerbiedige activiteit was op die heilige dag. Hubertus bespeurde een groot hert en joeg er achteraan met zijn honden. Toen hij het hert bijna te pakken had en het dier zich naar hem toekeerde wilde hij het neerschieten. Op dit moment verscheen er een lichtend kruis tussen het gewei. Een stem zei hem naar Lambertus van Maastricht te gaan. Deze legende werd pas vanaf de 15de eeuw met het leven van Hubertus verbonden.
Sint Hubertus staat nu bekend als patroonheilige van de jacht en de jagers. Daarom wordt hij vaak voorgesteld als jager, met hoge laarzen, een hoed op het hoofd en dikwijls in aanwezigheid van een hert met een schitterend kruis in het gewei. Andere attributen zijn een kruisboog, een jachthoorn of een hond.

Oudere Geraardsbergenaars zullen zich vast nog herinneren hoe op Sint Hubertus ten huize van dokter Broekaert op de hoek van de Kattenstraat met de Verhaegenlaan, de jachthoorns van zijn jachtclub over de stad galmden.

[…]

Lees meer in KERK & leven van 3 november 2021

Jan De Lil