Lied van Gods aanwezigheid

In onze kerken zingen wij regelmatig ‘Heer, onze Heer, hoe zijt Gij aanwezig’ (Zingt Jubilate, nr. 540). Het is een intieme tekst, een meditatie rond de nabijheid van God en zelfs de verwantschap tussen God en mens. Een mooi lied, zeer geschikt als openingslied in de liturgie. De moeite waard om er eens rustig bij stil te staan.

NIEUWE TEKST OP EEN OUDE MELODIE
De officiële titel van dit lied luidt ‘Lied van Gods aanwezigheid’. De Nederlandse dichter Huub Oosterhuis schreef deze tekst omstreeks 1968, in zijn beste periode, waarin hij op zoek was naar een moderne religieuze taal. Het is het eerste uit een reeks van zeven gedichten, die onder de spreuk ‘Maar ik ben altijd kleiner dan mijn lied’, opgenomen zijn in zijn prachtige meditatiebundel ‘In het voorbijgaan’. Oosterhuis heeft zijn gedicht geschreven bij een oud-Nederlands volkslied, ‘Slaat op den trommele van dirredondeine!’, opgenomen in een geuzenliedboek uit 1581. Op zijn beurt dat dit lied terug een oudere melodie, ‘Bedroefde herteken’. In oude liedboeken werd trouwens vaak geen melodie opgenomen: bij de tekst verwees men enkel naar een bestaande melodie.

[…]

Lees meer in KERK & leven van 6 februari 2019